Wat u moet weten over boezemfibrilleren
|
Wat is boezemfibrilleren ?
Wat gebeurt er bij een normaal ritme ?
Wat gebeurt er bij boezemfibrilleren ?
Wat veroorzaakt boezemfibrilleren ?
Hoe wordt de diagnose gesteld ?
Wat zijn de risico's van boezemfibrilleren ?
Wat zijn de symptomen van boezemfibrilleren ?
Welke behandelingsmogelijkheden zijn er ?
|
| Wat is boezemfibrilleren ?
Boezemfibrilleren (= atriumfibrilleren) is een hartritmestoornis (aritmie) waarbij in de boezems (atria of voorkamers) snelle en onregelmatige impulsen ontstaan. Veel van deze impulsen (maar niet allemaal) bereiken de hartkamers. Meestal is hierdoor de hartslag tijdens boezemfibrilleren (BF) onregelmatig en snel, maar soms juist langzaam. Boezemfibrilleren is een van de meest voorkomende hartritmestoornissen. |
| Wat gebeurt er bij een normaal ritme ?
Bij elke normale hartslag trekken eerst de boezems samen (linker en rechter atrium), gevolgd door de beide kamers. Deze aktie wordt gecoördineerd door het elektrische systeem van het hart. Normaal gesproken ontstaat de elektrische activatie van het hart met regelmaat. Bij elke hartslag start er een elektrische impuls in de sinusknoop (in de rechter boezem). Deze impuls verspreidt zich door de boezems en stimuleert de boezems tot samentrekking (contractie). Vervolgens pauzeert de impuls in een tussenstation, de AV-knoop (atrioventiculaire knoop). Daarna loopt de impuls door de kamers en stimuleert deze tot samentrekken en hierdoor het bloed uit het hart te pompen. |
| Wat gebeurt er bij boezemfibrilleren ?
Wanneer bij een patiënt het normale "sinus" ritme overgaat in BF raakt de ordelijke activatie van de boezems verloren. Tijdens BF verspreiden verschillende elektrische impulsen zich door de boezems en verdringen zich voor de AV-knoop (tussen boezems en kamers) om doorgelaten te worden. Het aantal boezemimpulsen kan variëren van 300 tot 600 per minuut. Gelukkig beperkt de AV-knoop het aantal impulsen dat doorgelaten wordt naar de kamers zodat de polsslag meestal lager is dan 150 per minuut. De doelmatigheid van de pompfunctie kan hierdoor echter afnemen. |
| Wat veroorzaakt boezemfibrilleren ?
De meest voorkomende oorzaken van BF zijn hoge bloeddruk (hypertensie) en hartklepafwijkingen. Andere oorzaken zijn afwijkingen aan de kransslagaders, chronische longziekten, hartspierziekten, aangeboren hartafwijkingen en longembolie. Minder vaak voorkomend zijn een te hard werkende schildklier (hyperthyreoïdie) en ontsteking van het hartzakje (pericarditis). In veel gevallen wordt echter totaal geen hartafwijking gevonden. BF kan voorkomen bij gezonde harten onder invloed van alcohol, stress, drugs, cafeïne, elektrolytstoornissen, stofwisselingsstoornissen en infecties. Met toenemende leeftijd neemt de kans op boezemfibrilleren toe, met name na het zestigste jaar. |
| Hoe wordt de diagnose gesteld ?
Een gemakkelijke en betrouwbare methode om deze ritmestoornis vast te stellen is het maken van een electrocardiogram (ECG). Wanneer het BF slecht aanvalsgewijs optreedt kan een ECG volledig normaal zijn. Soms is het zinvol een 24-uurs ECG (of Holter) te dragen om een episode te registreren. |
| Wat zijn de risico's van boezemfibrilleren ?
De kans op een beroerte is bij patiënten met BF ongeveer 5 maal hoger dan in een gezonde groep. Omdat de boezems niet geordend samentrekken, stroomt het bloed er niet zo snel doorheen. Dit maakt de kans op vorming van stolsels groter. Als het stolsel los schiet kan dit terecht komen in de hersens, resulterend in een beroerte. Ook komt het voor dat stolsels wegschieten (emboliseren) naar andere organen zoals nieren, hart en darmen. Patiënten met BF zonder bijkomende hartziekten of risicofaktoren voor stolselvorming hebben een minder groot risico om een beroerte te krijgen.
Lang bestaand boezemfibrilleren met een snelle hartactie kan de hartspier verzwakken waardoor pompfalen optreedt. |
| Wat zijn de symptomen van boezemfibrilleren ?
Niet iedereen met BF ervaart dezelfde symptomen. Sommige patiënten hebben al jaren BF zonder er iets van te merken. Mogelijke symptomen zijn:
Hartkloppingen: plotseling bonzen, fladderen of rammelen in de borst.
Gebrek aan energie, vermoeidheid.
Duizeligheid: een licht gevoel in het hoofd
Een naar gevoel op de borst: pijn, druk op alleen een vervelend gevoel.
Kortademigheid: snel lucht tekort komen in verhouding tot de verrichte inspanning. |
| Welke behandelingsmogelijkheden zijn er ?
Er zijn effectieve behandelingen mogelijk, gericht op de individuele toestand en symptomen van een patiënt. De eerste behandeling is gericht op verlaging van de hartfrequentie tijdens een aanval en het voorkómen van stolselvorming.
Antistolling of plaatjesremmers. Het risico van een beroerte neemt af bij gebruik van bloedverdunnende medicijnen. Coumarines (Sintrommitis® of Marcoumar®) verminderen de kans op een beroerte met 60 tot 80% bij patiënten met boezemfibrilleren. Als deze medicijnen gebruikt worden is regelmatig bloedonderzoek door de trombosedienst noodzakelijk om een juiste mate van bloedverdunning te garanderen. Sommige patiënten kunnen behandeld worden met Aspirine®. Uw dokter zal u adviseren welke bloedverdunner voor u het beste is.
Verlaging van de hartfrequentie. Dit wordt meestal bereikt met medicijnen als digitalis (Lanoxin®), beta-blokkers of calciumantagonisten (bijvoorbeeld verapamil = Isoptin®). Deze medicijnen vertragen de geleiding van elektrische impulsen door de AV-knoop.
Herstel en onderhoud van sinusritme: Vaak lukt het om weer een normaal sinusritme te bewerkstelligen. Soms is hiervoor elektrische cardioversie nodig.
Anti-aritmische medicijnen. Er zijn verschillende anti-aritmische middelen beschikbaar voor de behandeling van BF. Kinidine, disopyramide, flecaïnide, propafenon, sotalol en amiodarone zijn voorbeelden van medicijnen die effectief kunnen zijn. Sommige van deze medicijnen moeten tijdens ziekenhuisopname en ritmebewaking worden ingesteld daar ze bij sommige patiënten juist ernstige ritmestoornissen kunnen opwekken. De keuze voor een bepaald medicijn wordt op individuele basis gemaakt. Uw dokter zal u helpen beslissen welk medicijn het beste geprobeerd kan worden. Daar een bepaald medicijn slechts in 30-60% van de gevallen het gewenste effekt bereikt zal het vaak nodig zijn om verschillende medicijnen te proberen.
Elektrische cardioversie: in bijna de helft van alle nieuw vastgestelde gevallen van BF kan met alleen medicijnen weer een normaal ritme verkregen worden. De overige patiënten kunnen baat hebben bij elektrische cardioversie. Na toediening van een kort werkend slaapmiddel wordt cardioversie verricht door kortdurend een elektrische stroom door de borst te geleiden. Hierdoor wordt het boezemfibrilleren beëindigd en kan het sinusritme weer overnemen. Bij sommige patiënten zal voorafgaande aan elektrische cardioversie een slokdarmechocardiogram worden gemaakt om te beoordelen of er stolsels in de boezems aanwezig zijn.
Pacemakers: sommige patiënten met boezemfibrilleren neigen tot een te trage hartaktie. De trage hartslag wordt soms ongunstig beïnvloed door medicijnen die nodig zijn om een te snelle hartslag te voorkomen. Een pacemaker kan worden geïmplanteerd om te trage hartritmes te voorkomen.
Radiofrequente ablatie van de AV-knoop: bij patiënten waarbij het niet lukt om de snelle hartaktie met medicijnen onder controle te brengen (door bijwerkingen of ineffektiviteit) kan radiofrequente ablatie van de AV-knoop, gevolgd door implantatie van een pacemaker, de klachten belangrijk doen afnemen. Bij ablatie van de AV-knoop worden catheters via de lies opgevoerd naar het hart en onder röntgendoorlichting en ECG controle dicht in de buurt van de AV-knoop gelegd. Door de catheter wordt elektrische energie gevoerd waardoor een permanente blokkade voor elektrische impulsen in de AV-knoop ontstaat. Na deze procedure kan de hartslag nauwkeurig gestuurd worden door een geïmplanteerde pacemaker. In ziekenhuizen met veel ervaring kan deze behandeling met prima resultaat en zonder belangrijk risico worden uitgevoerd.
Chirurgische behandeling: Sommige patiënten met boezemfibrilleren kunnen in aanmerking komen voor een operatie. Deze zogenaamde "Maze" procedure vereist een open hartoperatie. Er wordt een serie insnijdingen gemaakt in de linker- en rechterboezem in een poging de elektrische impulsen te beperken tot enkele vaste banen. Hoewel het aantal patiënten dat deze ingreep heeft ondergaan niet zo groot is, gelukte het toch om een groot aantal vrij te krijgen van boezemfibrilleren.
|